Probleemwolven onder vuur in Utrecht en Gelderland
De Nederlandse Jagersvereniging heeft aangegeven dat het afschieten van twee probleemwolven in de provincies Utrecht en Gelderland als ‘onuitvoerbaar’ wordt beschouwd. Laurens Hoedemaker, directeur van de vereniging, legt uit dat de huidige regels en beperkingen te streng zijn om effectief op de wolven te kunnen jagen. Dit werd in een gesprek met RTL Nieuws bekendgemaakt.
De wolven, met namen als Bram en Hubertus, zijn in het verleden betrokken geraakt bij verschillende bijtincidenten, waaronder aanvallen op een meisje en een hond. Beide provincies hebben daarom vergunningen verleend voor het afschieten van deze wolven. Deze vergunningen zijn echter slechts geldig tot 1 januari van het volgende jaar, en tot nu toe zijn de wolven nog niet effectief afgeschoten.
Er zijn speciaal geselecteerde jagers actief in de regio die, met strenge regels, proberen de wolven te verjagen. De jagers moeten zich echter buiten het zicht van het publiek bewegen en mogen uitsluitend bij daglicht jagen. Deze maatregelen zorgen ervoor dat de wolven moeilijk te bereiken zijn. Hoedemaker merkt ook op dat activisten de jagers in de weg staan, wat de situatie verder compliceert.
Daarnaast, door de kortere dagen, wordt het steeds moeilijker om te jagen. De wolven bevinden zich voornamelijk in het bosrijke gebied van Den Treek, wat het risico voor de omgeving vergroot. Lokale gemeenschappen worden aangespoord om hals over kop naar huis te gaan zodra de schemering begint.
Bron(nen): De Stad Amersfoort, Barneveldse Krant.
